1948 tot aan de sloop

Zoals u in het vorige hoofdstuk heeft kunnen lezen probeerde de Staat het geconfisqueerde Kareol te verkopen maar dat animo miniem was vanwege de servituten die op het pand en de omliggende grond rusten.

16 juli 1949 veiling
Orangerie verbouwing Pasman.jpg

Uiteindelijk lukte het toch in 1949 en werd Kareol gekocht voor 230.000 gulden (Julius had 40 jaar daarvoor 6.500.000 gulden uitgegeven aan de bouw door de heer D.H. Pasman een vermogend paardenliefhebber uit Wassenaar.

Onder Pasman werd er flink verbouwd. Het glazen dak verdween onder een nieuw plafond en de hele centrale hal werd verbouwd. De hele ietwat oosterse sfeer verdween en het geheel kreeg een meer klassiek en monumentaal karakter. Ook werd een van de kassen verbouwd tot paardenstal.

Pasman had het Kareol gekocht om twee redenen; eén was het plan om met zijn gezin en aangetrouwde familie in te wonen. Hiervoor werd voor zijn schoonmoeder de gehele orangerie verbouwd. De tweede reden was om het landgoed te verkavelen en villa’s te bouwen

Huize Kareol nieuwe bewoner Pasman.jpg

De door Pasman aangevraagde bouwvergunningen voor de orangerie en stallen

pasman paarden.jpg

Voor wat betreft de eerste reden besefte Pasman al gauw dat het huis te groot en het onderhoud en personeel toch wel wat duur was. Ook het feit dat mevrouw Pasman zich ‘s nachts niet veilig voelde in het gigantische huis zal zeker meegespeeld hebben. Ook de tweede reden, om het terrein te verkavelen en exploiteren, bleek geen gemakkelijke zaak met alle servituten die op het landgoed rusten en het bestemmingsplan van Bloemendaal die in 1947 Kareol op de gemeentelijke monumentenlijst had geplaatst. Goed lang verhaal kort, Pasman biedt Kareol in 1954 weer te koop aan.

kluis opgelost.jpg

We hebben eerder al gesproken over de verborgen kluis die volgens de geruchten nog aanwezig moest zijn in de slaapkamer van de Bunge’s. De Nederlandse regering nam deze geruchten serieus en een van de voorwaarden bij de verkoop was dat wanneer de kluis gevonden zou worden, hij aan de Staat zou behoren. Tijdens de verbouwing door Pasman werd er niets gevonden en het verhaal raakte een beetje op de achtergrond tot 1953 toen er een verpleegster opdook die beweerde dat zij wist waar de kluis zich bevindt.

 

Haar verhaal was dat zij, de verpleegster, de kluis had opengemaakt en de laatste cassettes met sieraden met een speciale koerier naar Hilde in Zwitserland had gestuurd. Na flink wat gezoek kon ook zij de kluis helaas niet vinden omdat er óf nieuwe panelen geplaatst waren óf dat misschien de kluis wel helemaal verdwenen tijdens de verbouwing.

Toch bleef het wat romantische idee van een verborgen schat tot de verbeelding spreken. In een latere periode werd een paragnost ingehuurd door Nico Bersee, de latere bewaker/opzichter aangesteld door de volgende eigenaar, die zelf ook met zijn zoons de kelders en souterrain afzochten. De kluis bleek dus een fabeltje, mocht hij al bestaan hebben zou hij zeker gevonden zijn gedurende de sloop.

monumentenlijst

Pasman klaagt tegen de plaatsing van het Kareol op de monumentenlijst van de gemeente Bloemendaal

krant kareol te koop.jpg
kareol 12.jpg

Exploitatie Maatschappij Scheveningen

Zoals eerder bij de verkoop door de Staat liepen de geïnteresseerde kopers niet de deur plat maar uiteindelijk kocht projectontwikkelaar Reinder Zwolsman, de eigenaar van de Exploitatie Maatschappij Scheveningen [EMS], voor 400.000 gulden Kareol in 1956. Zwolsman dacht dat desondanks de pogingen van de heer Pasman er wel mogelijkheden waren om het terrein op te delen en in stukken te verkopen voor nieuwbouwprojecten.

Ook voor hem was het snel al snel duidelijk dat het verkrijgen van een bouwvergunning een onmogelijk zaak was en bood Kareol weer te koop aan voor 750.000 gulden. De interesse in Kareol, na alle pogingen van de eerdere eigenaar, ging ook dat weer niet vlot, het huis was te groot, te duur in onderhoud en commercieel niet aantrekkelijk.

Zwolsman heeft het huis nooit zelf bewoond, maar stelde wel Nico Bersee, een wijkagent in Aerdenhout, aan als beheerder van het landgoed die voor het symbolische bedrag van 1 gulden per maand de chauffeurswoning mocht huren en zo de zaak in de gaten kon houden. Meer over Nico Bersee en zijn familie in het hoofdstuk "Hoofdrolspelers".

nico Bersee Bloemendaal

Nico Bersee

EMS deed er alles aan om de verkoop te stimuleren en benaderde onder meer een studenten Stichting die dankzij een vermogend ex-student de mogelijkheid had gekregen een landhuis in Nederland te kopen. Een van de leden van deze Stichting was echter in Aerdenhout opgegroeid en op de hoogte was van de servituten dus ging de verkoop ook deze keer niet door.

Na 15 jaar en nog steeds geen koper werd Zwolsman wat ongeduldig. Kareol verkeert in perfecte staat dankzij de beheerder, en gastheer voor evenementen, Nico Bersee. Het, nu al lang onbewoonde, landgoed werd gelukkig toch nog regelmatig gebruikt voor bijvoorbeeld filmopnamen zoals “het Mes” van Fons Rademakers, “de Vergeten Medeminnaar" en "het Ganstermeisje" en werden er recepties en muziekevenementen gehouden met bekende namen zoals Marco Bakker, Martine Bijl en Willeke Alberti.

 

In 1969 stond Kareol op de hoesfoto van het album Nacht en Ontij van Boudewijn de Groot. Bij het uitkomen van de plaat vond de presentatie ook op Kareol plaats. De popgroep Golden Earring heeft promotie foto’s genomen in de grote badkamer.

Boudewijn de Groot
presentatie boudewijn

Boudewijn de groot hoes en de presentatie van de nieuwe langspeelplaat

muziek kareol bersee.jpg

Een van de klassieke concerten

mes

Het Mes 1961

vergeten medeminnaar

de Vergeten Medeminaar 1963

het gangstermeisje_749x600.jpg

Het Gangstermeisje - 1966

Om nog meer aandacht te krijgen organiseerde Zwolsman op 20 juli 1970 zelf een “hoogst importante” veiling van diverse inboedels en nalatenschappen. De kijkdagen en ook de eigenlijke veiling trok veel belangstelling maar voornamelijk door mensen die het huis van binnen wilden zien en, zodra mogelijk, naar buiten glipten om in de tuin rond te dwalen. Ook deze publiekstrekker had weinig resultaat en het duurde uiteindelijk tot 1974 voor er een koop gesloten werd.

veiling 2.jpg
veiling 3.jpg

Advertenties in de krant voor de veiling met onderaan een duidelijke vermelding dat het Kareol te koop staat

In het hoofdstuk "zoeken en methodes" wordt er beschreven hoe u krantenartikelen kunt inzien bijvoorbeeld op de site van Delpher. Om deze hele advertentie te zien kunt u dit adres gebruiken : https://www.delpher.nl/nl/kranten/view?query=veiling+kareol&coll=ddd&identifier=ABCDDD:010848500:mpeg21:a0069&resultsidentifier=ABCDDD:010848500:mpeg21:a0069&rowid=1

Het verhaal wordt van hier af wat ingewikkelder. Er is over de periode na Zwolsman tot de sloop veel te vinden in het archief van mevrouw Slagter en via oude krantenartikelen, maar om dit alles in de juiste volgorde te krijgen is een ander verhaal. Er speelt natuurlijk de verkoop, wel/niet op de monumentenlijst, bouwplannen van de nieuwe eigenaren, activiteiten van Stichting Kareol en groepen gegadigden die het huis zouden willen gebruiken voor hun diverse doeleinden. Ik heb geprobeerd het zoveel mogelijk in te korten om zo het geheel wat overzichtelijker te houden.

Zwolsman kwam in de jaren 70 negatief in de publiciteit na vermeende drugtransacties en zijn mogelijke betrokkenheid met de Bezetter in de Tweede Wereldoorlog. Hij verkocht een groot deel van zijn onroerend goed aan Maup Caransa en toen Zwolsman in 1974 ook nog eens een zwaar auto ongeluk kreeg, waar hij ternauwernood uit zijn brandende Bentley gered kon worden, was het genoeg. In 1974 krijgt Teer makelaars in Beverwijk opdracht om het landgoed te verkopen. De heer Muller, directeur van het makelaarskantoor, had gelijk nadat EMS contact had opgenomen één hectare in het zuidelijk gelegen deel (op de hoek van het van Vollenhovenlaantje) van de tuin voor zichzelf aangekocht om een huis te bouwen.

Ik begrijp dit niet helemaal maar dat was, naar het schijnt, geen probleem, de servituten stonden toe dat de grond waar Kareol op stond wel verkaveld en bebouwd mocht worden voor eigen gebruik, met dien verstande dat er geen bomen gekapt mochten worden en de bebouwing in overeenstemming is met de servituten. Ook de gemeente Bloemendaal vond het geen probleem omdat de locatie van het te bouwen huis was gepland op een deel van de grond waar het niet nodig was om een deel van het beukenbos te rooien en ook dat het viel conform bestemmingsplan Buitengebied 1970 III.

Uiteindelijk werd het hele landgoed voor 1.000.000 gulden verkocht aan de net opgerichte Coöperatieve Vereniging Parkwoning, waar Muller (dezelfde van Makelaardij Teer) en bouwondernemer en zakenman A. Buijert de enige leden waren. Het idee was om het hoofdgebouw zo snel mogelijk plat te gooien en op het daardoor beschikbare gekomen stuk grond lucratieve nieuwbouwappartementen te bouwen. Natuurlijk stuitten de nieuwe eigenaren, zoals de anderen voor hun, ook op de onveranderde servituten uit 1907. En aardig feit is trouwens wel dat de servituten op één punt in de geschiedenis wel gewijzigd waren er ook auto’s op het terrein toegelaten mochten worden in plaats van alleen koetsen getrokken door paarden.

Henrietta slagter Stichting Kareol

Henrietta Slager-Wieringa, secretaris van Stichting Kareol, schrijver van het boek "de stille heer van Kareol" en de deskundige op het gebied van het landgoed. Jet heeft haar dossiers gedoneerd aan het Noord Hollands Archief.

Een bijkomend probleem voor de nieuwe eigenaren was dat ondertussen bij het bredere publiek duidelijk was geworden dat er wat moest gebeuren om Kareol te behouden. In 1974 richtte meneer Sijpens het “Comité tot Behoud van Landgoed Kareol”, waarvan de naam later veranderd werd in “Stichting Kareol”.

De doelstelling van de Stichting was “het behouden van landgoed Kareol met een cultuur/maatschappelijke bestemming in overeenstemming – zoveel mogelijk – met de historie en de aard van het landgoed”. Het oorspronkelijke plan bij de oprichting van de Stichting was om het landgoed te kopen. Men besefte dat dat er niet alleen een flink bedrag voor de koop nodig was, maar ook dat het jaarlijks kosten aan onderhoud, belastingen, gas, water, elektriciteit, personeel en dergelijke maar er werd van uitgegaan dat de verschillen tussen de kosten en baten zouden worden opgebracht door particulieren.

Brochure stichting 1
Brochure stichting 2

Een van de eerste brochures van de Stichting

Er was veel ondersteuning voor het behoud van Kareol van onder andere, in der tijd, bekende Nederlanders zoals Jeroen Krabbe en Edda Barends. Ook kregen Kareol en de Stichting meer landelijke bekendheid door een door de AVRO uitgezonden programma “de Ivoren Toren” en het door Piet Schreuders uitgegeven tijdschrift Furore in 1979. Geldelijke ondersteuning bleef echter uit, in het totaal werd er slechts 5000 euro opgehaald.

In de tussentijd hadden de heren Muller en Buijert al verschillende plannen bij de gemeente ingediend maar Bloemendaal had zich, mede door het obstinate gedrag van de eigenaren, uitgesproken voor het behoud van Kareol en had geen enkele intentie om een sloopvergunning af te geven.

 

Dat was mooi, maar helaas wilde de gemeente wilde zelf geen initiatieven nemen om sponsors, kopers of huurders te vinden.

Tot nu toe was het in dit hoofdstuk alleen kommer en kwel en dat zal ook blijven tot aan het eind maar het is toch wel aardig te vermelden dat er op 1 april 1975 een stukje in “de Bloemendaalse Koeriers Combinatie” verscheen waarin verhaald werd dat er onder de terrassen van Kareol een verborgen zaal was gevonden die vol lag met onder andere een zo goed als voltooide maar onbekende opera "Antina", andere onafgemaakte werken en een 1,75 meter hoog borstbeeld van de componist. Een geslaagde 1 april grap.

furore kareol

Furore 13 1979

De Monumentenlijst saga.

In 1947 had de gemeente Bloemendaal Kareol aangemerkt als Gemeentemonument maar dat gaf geen wettelijke bescherming voor het onderhoud en behoud van het gebouw.

Later, in 1975, werd door de gemeenteraad van Bloemendaal en de Stichting Kareol een verzoek gedaan bij het ministerie van CRM (Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk) om Kareol op de Rijksmonumentenlijst te zetten. Het ministerie stond daar best voor open maar er waren geen voldoende financiële middelen om alle monumenten, zeker nieuwe, te bekostigen.

Krantenartikel verborgen kamer Wagner.jpg

Deel van het krantenartikel over de geheime zaal

Het Nederlandse bedrijfsleven en fondsen waaronder het Prins Bernhard Fonds en de Fondation Européenne de la Culture richten het Financieringsfonds Kareol (FFK) op met de bedoeling het benodigde geld voor het behoud en restauratie voor Kareol voor te schieten aan CRM. De condities waren een definitieve plaatsing op de monumentenlijst, en een na vijf jaar terugbetaling met een 0 of lage rentevoet. Bij CRM vonden ze dat een aardig maar ongebruikelijk initiatief en omdat het buiten het boekje viel werd er verder niet meer op gereageerd.

Op herhaaldelijk aandringen door de Stichting en de Gemeente Bloemendaal, verleende CRM uiteindelijk op 13 juni1977 plaatsing op voorlopige Monumentenlijst met dien verstande dat er binnen twee jaar “zinvolle” bestemming moest komen, zo niet dan zou Kareol weer van de monumentenlijst afgevoerd worden.

monumentenlijst 2_450x600.jpg
kareol Aerdenhout op monumentenlijst

Natuurlijk maakte de nieuwe eigenaren bezwaar tegen de plaatsing op de lijst en starten een beroepsprocedure. De argumenten voor het bezwaar waren dat het gebouw na 1900 gebouwd is door een Zweeds architect in een samenraapsel van stijlen en dus niet aangemerkt kan worden als een Nederlands monument van geschiedenis en kunst.

monumentenlijst 3.jpg

Verder vonden de nieuwe eigenaren dat de restauratiekosten die indertijd geraamd waren door de Stichting Kareol veel te laag waren ingeschat en dat het werkelijke bedrag dermate veel hoger zou liggen dat een complete restauratie een onmogelijke zaak was. Er moest er ook gedacht worden aan de invloed van een vervallen geraakt pand voor de omgeving en de waarde van de andere huizen.

Natuurlijk, en daar hadden ze eigenlijk wel gelijk in, werd ook als argument gebruikt dat Kareol indertijd gebouwd is voor één gezin en 20 personeelsleden en dat dat in de huidige tijd het een onbegonnen zaak was om te bewonen. Iedereen had in de laatste 20 jaar het recht had om het pand te kopen en dat er door bovenstaande reden geen gegadigden waren. Ergo; er was maar één mogelijkheid, afbreken.

Het resultaat was dat de rechter de op alle door Muller en Buijert aangevoerde bezwaren niet gegrond werden bevonden. De fricties tussen de eigenaren en Stichting Kareol groeide en het werd een persoonlijke prestigekwestie voor beide partijen. Muller vroeg zich af waarom de Stichting niet eerder actief was geworden met het lobbyen voor het behoudt van Kareol, dat nu ondertussen al zo’n 20 jaar leegstond, en zich pas nu opeens roerde toen zij het gekocht hadden.

Muller en Buijert waren na al deze ontwikkelingen, ruzies en eindeloze discussies niet meer van plan het gebouw te verkopen, te renoveren of te onderhouden. Ook lieten zij weten dat al zouden ze een volgende beroepsprocedure verliezen, ze beroep zullen aantekenen bij de Kroon. De uitspraak van het hoger beroep zou waarschijnlijk zo veel tijd innemen dat het gebouw in een dermate slechte staat zou zijn en dat er geen redden meer mogelijk was.

Muller
muller wil bersee eruit.jpg
Stichting Karel

Ondertussen wordt er door de Stichting veel werk verzet om de “zinvolle bestemming” te vinden. Een stukje verder in dit hoofdstuk wordt meer over de gegadigden verteld, maar het uiteindelijke resultaat was dat er geen geschikte partij gevonden werd die het Kareol zou kunnen overnemen.

In 1975 werd de opzichter Bersee ontslagen die het huis verliet na het eerst grondig schoongemaakt te hebben. Schoon bleef het huis niet lang.

muller tegen monumentenlijst.jpg

Het was voor de eigenaren zaak om de staat van het huis stelselmatige te verslechteren om zo een “point of no return” te bereiken en een vervroegde afvoering van de monumentenlijst te krijgen zodat dat er voor de gemeente Bloemendaal niets anders zou overblijven om een sloopvergunning af te geven.

​​

De deuren van het landhuis werden opengelaten voor iedereen die er maar binnen wilde en Kareol werd blootgesteld aan allerlei zinloze vernielingen. De ramen werden ingegooid, de marmeren badkamer en het glazen dak kapotgeslagen en de betimmeringen gesloopt, meegenomen of verbrand in de open haard. Alles van nog enigerlei waarde werd gestolen of verkocht van de trein in de tuin, het miniatuur toneel dat op zolder stond om de voorbereidingen van de Wagner operas op te voeren tot aan de zinken dakgoten aan toe verdwenen. Er gaat zelfs het verhaal dat de overgebleven regenpijpen naar binnen waren gedraaid zodat het regenwater direct het gebouw binnen liep en doelbewust de staat van Kareol in rap tempo te laten verslechteren. In de bijlagen de sloop en de Rijksdienst voor Cultureelerfgoed staan meer fotos.

vernieling.jpg
Vernielingen
vernielingen.jpg

Lijkt me duidelijk. Ik denk trouwens dat deze fotos genomen zijn door Jet Slagter

Er is later veel geschreven en gediscussieerd over de "onderhoudsplicht" waar een eigenaar van een pand op de monumentenlijst verantwoordelijk voor is.

Hier een stukje uit de monumentenwet: De eigenaar van een geklasseerde onroerende zaak, kan door de Rijkscommissie worden aangeschreven de door haar voor de instandhouding der zaak nodig geachte werken uit te voeren binnen een door haar te bepalen tijden is gebonden daarbij te volgen de haar gegeven aanwijzingen.

En verder: Ieder ander eigenaar eener geklasseerde onroerende zaak is verplicht deze onroerende zaak in stand te houden.

En nog een: Eene geklasseerde onroerende zaak kan ten algemeenen nutte worden onteigend.

Helaas is deze wet niet gehandhaaf op Kareol  waarschijnlijk door gebrek aan middelen en mankracht.

Van Muller en Buyert kon men niets verwachten onder andere doordat er met hun geen overleg was gepleegd omn Kareol op de monumentenlijst en er dus ook niet verwacht kon worden het gebouw te onderhouden. Later zullen we ook zien dat het de eigenaren wel goed uitkwam om het huis te laten verkrotten.

1979

Fotos uit Furore. Piet Schreuders, de redacteur, heeft veel fotos gemaakt voor de speciale uitgave in1979. Kijk ook even bij de bijlagen voor een selectie.

Schouw

Een aantal gegadigden voor de koop of huur:

De Stichting Kareol heeft in de periode van hun bestaan hun uiterste best gedaan om een bestemming voor het huis te vinden.

Een van de belangrijkste gegadigden was de Stichting Verbindingsgroep 2000-3000, een Stichting die wat, ongetwijfeld boeiende maar vage idealistische religieuze en mystieke doelen nastreeft, had al in 1974 zelfs vóór de koop door Muller en Buijert contact gehad met Teer makelaars. Ze wilden het pand in de huidige staat behouden en konden dit ook zelf financieren. Veel van de renovatie zou er door de groep zelf gedaan kunnen worden, alleen de dakbedekking zou uitbesteed moeten worden. Wat de eigenlijke plannen van de Stichting waren is onduidelijk, Het klinkt wat vaag maar meer weet ik er ook niet van.

De Verbindingsgroep was wel serieus. Er werd in 1977 een aanklacht tegen Muller ingediend bij de Nederlandse Bond van Makelaars in Onroerende Goederen waarin stond dat ze aan het lijntje werden gehouden en dat de beslissing dat Muller Kareol zou kopen al lang duidelijk was.

De Stichting Kareol had andere gedachten voor Kareol, er moest gedacht worden aan nette culturele/artistieke mogelijkheden. Er was veel interesse maar veruit de meeste organisaties hadden niet de benodigde financiële middelen voor de aankoop, restauratie en de herinrichting van het gebouw voor hun beoogde doeleinden. Hier een selectie van gegadigden:

 

Het “Kunsthuis Nederland” voor muziek scholing en studie eventueel in combinatie met een conferentiecentrum was het verst gevorderd. Ton Voets en Henk Duijn hadden een prachtige brochure gemaakt met plannen hoe het geheel eruit zou kunnen gaan zien. Het ministerie was enthousiast over dit plan maar toen puntje bij paaltje kwam ging het geheel helaas niet door.

kunstenaarsklooster henk.jpg

Kunsthuis Nederland Ton Voets en Henk Duijn

kareol opnieuw bezien.jpg
Duijn
Wagner bibliotheek

De Stichting had contact gezocht met Wolfgang Wagner, de kleinzoon van Richard, met de vraag of hij zijn adhesie wilde betuigen over de oprichting van een landelijk muziek pedagogisch centrum en als onderdeel daarvan en Wagner bibliotheek en Wagner archief.

De verhuizing van de Culturele Raad Noord-Holland dat op Beeckestijn in Velsen gevestigd was. Van dat plan werd al spoedig afgezien omdat het grootse deel van het personeel in Velsen en IJmuiden woonde en dat Aerdenhout toch wel ver weg was om dagelijks naar het werk te fietsen.

· Een muziekschool voor de gemeente Bloemendaal.

· Een Jugendstil museum.

· Een museum voor reclame en propaganda.

· Findhorn, een organisatie die een spirituele Spiritual community en een eco-village wil stichten waar 7 personen zouden wonen. Deze plannen werden bij voorbaat afgekeurd.

. Het schijnt dat Jeroen Krabbe er trouwens serieus over nagedacht heeft Kareol te kopen.

de vernielingen bleven doorgaan

krant vernielingen.jpg

Het enige echt realistische plan kwam van de Stichting 1940-1945 die er een woon- en ontmoetingscentrum voor oud-verzetsstrijders uit Nederland en het voormalig Nederlands-Indië wilden vestigen. In het najaar van 1978 vertelt een woordvoerder van de Stichting het enorme bedrag voor de aankoop, restauratie en exploitatie van het hoofdgebouw en directe omgeving rond te hebben. De voorwaarde was wel dat het landgoed in eigendom te verwerven. Muller en Buijert waren alleen geïnteresseerd om een huurovereenkomst af te sluiten.

 

Er konden natuurlijk allerlei plannen gemaakt worden maar alles hing af van de bereidheid van de huidige eigenaren. De heer Muller was er duidelijk in dat hij Kareol niet uit humanitaire redenen gekocht had, wel bereid was om mee te denken aan een oplossingen maar geen zin had in “eindeloze filosofische en vage discussies”. Wanneer er een concreet plan was kon er gesproken worden maar dat Stichting Kareol wel moest wel beseffen wie de eigenaren van het landhuis waren en dus in feite de touwtjes in handen had.

Paarden en manage

Dit speelde er ook nog tussendoor. Pasman, de vroegere eigenaar was een groot liefhebber van paarden en had de bestaande tropisch kassen omgebouwd tot tot een manege en stallen voor 10 paarden. Ook Muller hield paarden en alhoewel Pasmans stallen nog steeds werden gebruikt vroeg Muller toestemming aan de gemeente om er nog een te bouwen.

Er werden in de vergaderingen van de gemeenteraad van Bloemendaal vragen gesteld of het houden van paarden en hun onderkomen binnen het bestemmingsplan viel. Volgens Muller moest dat geen probleem zijn omdat er tussen het kweken van bloemen en het houden van paarden niet heel veel verschil was. Buiten dat werd de te bouwen manege aangemerkt als "bijgebouw" omdat het landhuis zelf nog niet afgebroken was

Ook de omwonenden hadden over deze aanvraag gehoord en, hoe kan het ook anders, de geruchtenmolen kwam weer op gang. De eikenallee zou als racecourse gebruikt gaan worden en er zouden gigantische hoeveelheden paarden gestald worden. Bezwaarschriften werden bij de gemeente ingediend met argumenten als mestlucht, ongedierte en het aantasten van de humuslaag door uitwerpselen van de paarden.

Muller verklaarde dat het maar om zeven paarden ging en dat aan alle eisen zoals vermeld werden in de servituten voldaan waren. Een ander hardnekkig gerucht was dat met deze paardenactiviteiten er een groot deel van het bos gekapt zou worden. Ook dit beruste niet op waarheid, Muller had alleen aan Staatsbosbeheer gevraagd om alle bomen die of ziek of om zouden kunnen vallen vanwege ouderdom te merken.

onderhoudtsplicht.jpg
kranten artiken beiden wonen op K.jpg

Hoe ging het verder

Zelfs toen, in juni 1977, Kareol onder voorbehoud tot Rijksmonument werd verklaard bleven de vernielingen doorgaan en was het huis in een relatief korte periode volledig onbewoonbaar. De eigenaren hadden, volgens de wet, geen enkele onderhouds-, bewakings- of herstelplicht en waren niet verplicht iets te doen om het landgoed in een zo goed mogelijke staat te houden.

Er waren wel wat gesprekken tussen de gemeente Bloemendaal, de Stichting Kareol en de eigenaren waarin gesproken werd voor het treffen van noodvoorzieningen waaronder het dichten van daken, reparatie van ramen en dergelijke. Ook zou er weer toezicht op het terrein moeten komen. De eigenaren waren bereid dit toe te laten maar waren niet van plan om hieraan mee te betalen. Om toch wat goede wil te tonen zou de familie Buijert zou in de voormalige tuinbaas woning intrekken en op deze manier toezicht te houden. Ook zal de C.V. Parkwoning verhaal gaan maken op de jongeren en eventueel hun ouders die deze vernielingen aangericht hadden.

Omdat de staat van Kareol snel verslechterde begon men zich af te vragen of het behoud het nog wel waard was. Er zou alleen al 300.000 gulden particulier geld nodig zijn om het gebouw alleen al te beschermen voor meer vernielingen. De begrote restauratiekosten liepen steeds verder op (tot 4.500.000 gulden) en het werd nu zo goed als onmogelijk om de financiën bij elkaar te krijgen om het gebouw en omliggende tuinen in originele staat terug te krijgen. Mevrouw Slagter vroeg zich publiekelijk af of het redelijk was om financiële hulp te vragen nu de toekomst van het gebouw zo onzeker is.

 

De Stichting bleef echter actief. Om weer meer extra aandacht, en hopelijk giften, voor het behoud van Kareol op de monumentenlijst werd door Hans van der Horst in 1978 een expositie in het Frans Hals museum georganiseerd.

Abert Heijn wijn etiket.jpg

 In 1979, twee jaar na het plaatsen op de voorlopige monumentenlijst, werd het gebouw daar weer vanaf gehaald door toenmalig staatssecretaris Wallis de Vries omdat er nog steeds geen concreet bestemmingsplan op tafel lag. CRM constateerde ook dat ondertussen het huis in een dermate slechte staat verkeerde dat ze zich nu zeker niet kon veroorloven Kareol te restaureren en onderhouden.

Voor de gemeente was er nu geen echt geen enkele andere mogelijkheid om de sloopvergunning af te geven. Gelukkig bleven de tuinen, alhoewel verwaarloosd, evenals de tempel, de grote- en klavertjes- vijvers (bij het zomertheater), ijskelder en de chauffeurs- en tuinbaas woningen op de van Lennepweg 14 en 18 wel op de monumentenlijst gehouden.

 

Muller had het oude theehuis afgebroken en er een nieuwe voor in de plaats gezet. maar vreemd genoeg staat deze toch op de lijst.

Albert Heijn hielp mee om Kareol onder de aandacht te brengen.

CRM brief over sloop vergunning_800x509.

OK dat was het dus, geen gegadigden, onherstelbaar beschadigd dus geen definitieve plaatsing op de monumentenlijst,

Er zijn een aantal filmpjes te zien op youtube waaronder een documentaire van de AVRO https://www.youtube.com/watch?v=x9KaOQYfWE4

​​De Stichting Kareol begreep dat ze uitgespeeld waren en werd opgeheven. Er werd een persbericht uitgegeven en de eindbalans werd gepresenteerd. Het positieve saldo werd ter beschikking gesteld om een deel van de kosten voor het behoud van tegeltableaus van het huis te dekken. Toch vondt de Stichting dat al hun moeite een toetssteen voor de landelijke monumentenbeleid geweest was en dus niet voor niets.

 

Ondertussen bleven er door Muller en Buijert verschillende voorstellen gedaan aan de gemeente voor de bebouwing van de grond. In het volgende hoofdstuk wordt daar wat meer gedetailleerd op ingegaan.

 

Quote van het internet:

.....Een groep die even genoemd en bedankt moet worden: De eigenaren van Kareol. Zij hebben zich volledig ingezet om Kareol voor iedereen die er iets te slopen of te halen had, toegankelijk te maken; heren bedankt daarvoor. Ook de vele "ongewenste" bezoekers mogen wel even bedankt worden. U zult allemaal wel iets tastbaars aan Kareol in huis hebben; ook u hartelijk dank. U allen hebt ervoor gezorgd dat onze streek weer een stuk vergane glorie rijker is………………………………………

Kareol voor de sloop.jpg
toren 1979

Het volgende hoofdstuk behandelt het gedeeltelijk behouden van de tegeltableaus en de eigenlijke sloop.